Wat zijn correctiefactoren en hoe werken deze bij een PID-meter?
06.07.2026
Een PID-sensor wordt gekalibreerd op een referentiegas, waarvoor in vrijwel alle gevallen isobutyleen wordt gebruikt. Dit betekent dat bij detectie van isobutyleen de juiste concentratie wordt weergegeven in het display.
Bij detectie van een andere VOC dient echter een correctiefactor te worden gebruikt. De correctiefactoren zijn specifiek voor een bepaald merk PID-sensoren en type UV-lamp (10,6 of 11,7 eV) en kunnen niet zonder meer worden toegepast bij andere merken. Correctiefactoren maken het mogelijk om de PID-sensor te kalibreren met het ene gas, en de juiste concentratie van een ander gas weer te geven, zonder gebruik te maken van verschillende kalibratiegassen.
Fabrikanten van PID-sensoren stellen de correctiefactoren vast door de respons van de sensor op een specifiek gas te meten in vergelijking tot het referentiegas. De meeste gasmonitoren met een PID-sensor bevatten een database met correctiefactoren voor de meest voorkomende VOC’s. Als een bepaalde gassoort niet in de standaard database staat, kan de bijbehorende correctiefactor worden opgezocht en handmatig ingegeven.
Download hier de tabel met correctiefactoren
